Pannetje in Zuid-Afrika!
Home Voorbereiding Foto's Dagboek Gastenboek



23-26 Februari, kamperen in niemandsland

Ik zorg dat ik mijn schoolverslag dusdanig afrond dat ik hem voor de tweede keer kan inleveren en 22 februari vlieg ik met een locale vliegmaatschappij voor 50 euro naar Port Elizabeth. Daar wachten Anton mij op met zijn moeder en zusje waarmee hij heeft rond gereisd voor 2 weken, en zij zullen vandaag terug naar Kaapstad vliegen.

Anton en ik beginnen met een lange middag en avond autorijden. We rijden in 1 klap door naar Underberg, een klein vredig stadje in het zuiden van de Drakensbergen, het grootste gebergte van zuid Afrika wat zich voor delen ook in Lesotho uitstrekt. Onze plannen voor de eerste paar dagen zijn groots, we willen met de auto naar de grenspost van Zuid Afrika rijden, om vervolgens met de rugzakken en kampeeruitrusting 4 dagen Lesotho in de wandelen, het Sehlabathebe National Park in, wat een van de mooiste natuurgebieden van Zuid Afrika schijnt te zijn.

We verlaten Underberg pas om 14u omdat we vannacht pas om 2u in onze backpackers aankwamen. We hebben boodschappen gedaan voor 4 dagen omdat er in het park geen supermarkten of winkels zijn. Om 15u worden Anton en ik uit zuid Afrika gestempeld bij de grenspost en begint onze geweldige trip door niemandsland. In Lesotho is het weer vaak slecht. 9 maanden per jaar kan je praktisch elke dag regen verwachten wat prachtige groene bergen tot resultaat zorgt maar ook natte kleding. Afgelopen weken was de regenval zelfs het heftigst in 20 jaar! Anton en ik zijn niet bangÖ we zijn goed voorbereid en hebben warme en droge kleding bij ons en in de regen lopen wij niemandsland in.

De route naar Sehlabathebe NP is simpel. Volg de rivier en alsmaar rechtdoor. Helaas is door de heftige regenval de rivier nogal breed en vors, dus wij wagen het niet om de rivier over te steken om het pad te volgen. Dwars door de hoge grasvelden lopen wij aan de andere kant van de rivier de bergen in. Wanneer je geen pad hebt is het best zwaar met grote rugzakken op waar behalve tent en slaapspullen ook nog eens voor 4 dagen eten in zit. We zijn nog geen uur aan het hiken of we komen de eerste tekenen van wildernis tegen: een kudde wilde elanden. Onder een groepje bomen staan zekere 21 elanden onze kant op te kijken afwachtend wat wij zullen gaan doen. Natuurlijk hebben we ze nooit van dichtbij kunne observeren want zodra wij dichter dan 100 mtr in de buurt komen rennen zij de berg over. Toch is dit voor mij een prachtige ervaring, nu weet ik zeker dat wij in de wildernis zitten! We houden het deze eerste dag uit eindelijk maar 3 uur vol. Het begint te schemeren en te hozen, Anton en ik besluiten om de tent op te zetten en het voor vandaag te laten zitten.

We mogen dan slechts 3 uur klimmen en wandelen verwijdert zijn van beschaving, we zitten zo prachtig afgelegen dat we niets van beschaving zien. Onze tent staat op een kleine heuvelrug midden in de bergen en ons kook en drinkwater komt direct uit de rivier die wij moeten volgen naar het Sehlabathebe NP. Vandaag hebben we nog verse bloemkool met aardappelen, de rest van de dagen zullen we uit pakjes moeten eten omdat we geen koelkast mee slepen. Backpacken betekend zo min mogelijk mee nemen. Hoe minder gewicht je op je rug hebt hoe beter en men moet dan ook op alles bezuinigen. Anton had dan ook bewust geen bestek meegenomen om gewicht te besparen en ik ben de mijne simpelweg vergeten. Terwijl de bloemkool en de aardappelen op het vuur staan bedenkt Anton de geniale oplossing: we hebben 4 reserve haringen van de tent. De komende 4 dagen is dit ons bestek!

Wanneer het echt donker is in de wildernis en je hebt geen elektriciteit zijn er twee dingen die je kan doen (zoals Theo altijd zegt). Anton en ik kiezen voor optie 1, slapen! (de tweede optie laat ik maar aan jullie verbeelding over) en we worden de volgende ochtend wakker door de zonsopgang. Het is 5 uur en wij zijn helemaal uitgeslapen aangezien we om 20u al op bed lagen. We eten crackers met kaas, zetten een pan thee en pakken onze spullen weer in. Vandaag willen we Sehlabathebe NP bereiken. Onze eerste mijlpaal voor vandaag is de rivier over te steken, aangezien het bad zich nog steeds aan de andere kant van de rivier bevindt. Na een paar uur wandelen en klimmen word de rivier door verschillende splitsingen kleiner en kleiner. We klimmen met bepakking over watervallen en beekjes en wandelen door het hoge gras, tot we uiteindelijk een perfecte plaats vinden om de rivier eindelijk over te springen. Twee grote rotsen steken boven de rivier uit, en met een beetje geluk kunnen we de grote afstand tussen de rotsen, waar de rivier kolkend onderdoor stroomt, met een aanloop over springen. Ik spring als eerste naar de overkant waarna we ťťn voor ťťn de tassen overgooien. Best een spannend moment, want als een van ons een fout maakt zijn we straks de helft van onze bezittingen kwijt. Gelukkig gaat alles goed en na alle tassen springt ook Anton naar de overkant van de rivier.

Volgens de kaart die we gekocht hebben moeten we de rivier als maar blijven volgen maar nog steeds zien wij geen pad. Ergens begint het ons te dagen dat we misschien wel een verkeerde route zijn gaan lopen, maar we geven nog zeker niet op. Langs een vreselijk steile helling klauteren wij langs de rivier om hoog. Dit is zo vreselijk stijl dat we allebei een wandelstok nodig hebben om ons evenwicht te bewaren en niet naar beneden te glijden. Ik kan onmogelijk overdrijven als ik zeg dat we praten over een hoek van minstens 130 graden als we er vanuit gaan dat 180 graden de verticale richting is. Grote graspollen bieden ons enige houvast maar zijn ook glad doordat het natuurlijk weer heeft geregend. Om 13u besluit ik dat het zo echt niet verder kan. Waar wij op dit moment mee bezig zijn is absoluut niet verantwoord en kan ook zeker niet de bedoeling zijn! We kijken nog eens op de kaart maar worden er echt niet wijzer van. Ik kijk om mij heen en bedenk een geweldige plan B. We besluiten om naar de overkant van de rivier te klimmen en daar op een relatief vlak gedeelte halverwege de berg ons tentje op te zetten. We kunnen dan vanaf de tent verder hiken vandaag, en morgen een dagtocht doen zonder de zware bepakking om vervolgens op dag 4 in 1 keer terug naar Zuid Afrika te hiken.

Wanneer ons tentje eindelijk staat bekijken wij de prachtige omgeving van onze basis. Er is geen mens of weg te zien, we zijn omringt door prachtige groene bergen met watervalletjes en het enige geluid dat wij horen zijn een paar vogeltjes en de rivier die 50 mtr onder ons stroomt. Het is rond een uur of drie in de middag en we besluiten om de grote waterval die wij vanaf onze tent kunnen zien op te zoeken voor een duik. Het weer is nu nog prachtig maar wanneer wij een half uur later bij de waterval aankomen begint het al weer te regenen. We wassen ons snel en hobbelen weer terug naar onze tent.

Nu we in de tent schuilen voor de regen en het nog steeds licht is hebben we tijd om ons nog eens goed te oriŽnteren. We vergelijken ons uitzicht met de bergen op de kaart en opeens ziet Anton het licht: we zijn de verkeerde rivier gevolgd! Vlak achter de grenspost waar wij eigenlijk direct de rivier zouden moeten oversteken splitst de rivier zich in twee richtingen. Omdat wij de rivier hier niet zijn overgestoken hebben wij de verkeerde afsplitsing gevolgd en zijn wij ipv naar het westen, naar het noordoosten gelopen. Sehlabathebe zullen wij nu niet meer kunnen halen, zeker niet met bepakking, maar ons nieuwe doel is nu om de grens van Lesotho over te gaan en dan weer terug te hiken.

Dag 3 staan wij wederom vroeg op. Met wederom crackers met kaas als ontbijt en een pannetje thee gaan wij nu met 1 dagrugzakje op pad. Onze houding tegenover het weer is na 2 dagen kamperen beduidend veranderd. Regen doet ons niets meer, en natte voeten zijn we ondertussen wel aan gewend. We klimmen terug over de veel te steile helling en vinden uiteindelijk weer de rivier afsplitsing die wij moeten volgen om bij de grens van Lesotho te komen. Anton en ik zijn het beu om moeite te doen om de rivier voorzichtig over te steken, en onze voeten zijn toch al zwaar vochtig door al het natte gras wat wij gepasseerd hebben aangezien we nog steeds geen pad hebben gelopen. Onze nieuwe houding: schijt aan nattigheid! Zonder twijfel lopen wij dwars door het water naar de overkant, het water stroomt onze schoenen in, maar wij merken er eigenlijk al niets meer van. Binnen 4 uur, met veel natte voeten, staan wij boven op de berg die de grens met Lesotho aangeeft. Wij hebben ons doel bereikt! Er is geen borderpost en we zullen dan ook geen stempel in ons paspoort krijgen als bewijs dat we in Lesotho gaan, maar er staat een duidelijk hek wat zeker weten betekend dat dit de grens van niemandsland naar Lesotho is! We staan midden in een weiland, en een stukje verderop staat een groep koeien lekker te grazen. Op deze hoge top hebben we een prachtig uitzicht van zowel zuid Afrika als van Lesotho. Deze koeien zijn het eerste teken van beschaving wat wij in 3 dagen gezien hebben, ook al zien we geen herder die de beesten in de gaten houd. We nemen een paar prachtige foto's en beginnen weer aan onze afdaling.

Tijdens deze dagtrip doen wij een belangrijke ontdekking. We hebben ondertussen een pad gevonden en concluderen dat het wandelen op het pad toch 1000 keer makkelijker gaat dan door de wilde natuur te hossen! Natuurlijk is dit een vrij logische conclusie, maar voorheen wilde wij altijd natte voeten voorkomen. Nu blijkt echter dat het zo voordelig is om over het pad te lopen, dat natte voeten een kleine opoffering is. (bovendien zijn onze schoenen al 1.5 dag doorweekt, zonder kranten of verwarming om ze te laten drogen blijven ze natuurlijk nat.)

Dag 4 word dan ook het hoogtepunt van ons hike-gedrag. Met de rugzakken op de rug wandelen we terug naar de ZA borderpost, maar dit keer oever het pad. Het thema van vandaag is zonder twijfel "we steken de rivier over" want het pad leidt ons zeker 5 keer over de brede rivier. Wat wij in 2 dagen heen hebben gelopen door de wildernis, zonder pad, lopen wij nu in 3.5 uur (incl koffiepauze) terug naar de borderpost. Onze voeten zijn helemaal doorweekt door het steeds oversteken van de rivier waarbij het water soms tot onze knieŽn komt. Niets maakt ons nog uit, wij zijn nu 1 met de natuur en eigenlijk hebben we helemaal geen haast om terug naar de bewoonde wereld te gaan. 4 dagen zonder elektriciteit of warm water hebben wij geleefd, op crackers met kaas en zakjes Knorr voor het avondeten waarbij je alleen warm water hoeft toe te voegen.

Het is jammer. Net als wij helemaal gewent zijn aan het leven in de wildernis waarbij elke luxe overbodig lijkt komen we weer aan bij de zuid Afrikaanse borderpost. We moeten wel terug de bewoonde wereld in want onze voedselvoorraad begint aardig uit te dunnen. Na 4 dagen met zen tweeŽn in niemandsland te hebben geleefd zien wij nu weer onze eerste medemens, de grenspolitie. We worden Zuid Afrika weer in gestempeld en bedenken ons wat wij nu kunnen doen. We hadden verwacht een flink aantal uur te moeten hiken om helemaal terug naar de borderpost te hiken, maar het is pas 12u als we het land weer in zijn. We besluiten meteen door te rijden naar de Sani pass, de hoogste grenspost van Afrika waar men met een 4wd auto doorheen kan rijdenÖ

<<< Terug naar het Dagboek